Madeira deel II
Door: Wendy
Blijf op de hoogte en volg Wendy
09 April 2026 | Portugal, Estreito de Câmara de Lobos
Ondertussen zijn we een paar dagen op het mooie eiland en gaan we gestaag door met de activiteiten wat we hier kunnen doen.
Op dinsdagochtend hadden we een tour geboekt om met een catamaran vanaf Funchal dolfijnen te gaan spotten. Dus er moest een wekker gezet worden. Om tijdig in Funchal te komen en ook nog de auto kwijt te kunnen. We rijden de bekende weg weer vanuit het dorp richting de enige snelweg op het eiland. Funchal zelf ligt niet ver van het dorp maar de overvloed aan rotondes, opritten en verkeerslichten maakt het dat je over 8 kilometer toch makkelijk 30 minuten kan doen. We kunnen de auto kwijt in de haven, in een grote parkeergarage. Ondertussen kom je dus op de weg wel om de 200 meter een verkeerslicht tegen, welke natuurlijk allemaal tegen zitten en het hele verkeer stapsgewijs verder komt. Maar we zijn tijdig in de stad en lopen over de boulevard naar het houten hutje waar we de opstapkaart moeten halen voor de boot. We zijn niet de enigen die mee willen en er kan schijnbaar wel 100 man op de boot. We vinden een plekje redelijk voorop de boot en we gaan gestaag de haven uit. Het is nog redelijk rustig op het water als we beginnen met de tocht. Maar na verloop van tijd komt er toch wat gespetter op de boot. Nou ja, de mensen die voorop bij de boegzitten krijgen toch een aardige plens water over zich heen. Natuurlijke douche numero 1. Maar we krijgen dus wel redelijk snel dolfijnen in het vizier. Een school dolfijnen zwemt rond de boot en zwemmen langs de boot. Ze springen en ze zijn duidelijk zichtbaar. Ach, een paar spetters is dan toch niet zo erg?? We mogen maar 10 minuten blijven dobberen dus de boot gaat weer verder de oceaan op. Nu wordt het wat wilder en de mensen die helemaal voorop zaten waren al zeiknat. En nu zijn wij ook aan de beurt. Ondanks dat we redelijk bij de kapiteinshut zitten, tegen het glas aan krijgen we de volle lading zeewater over ons heen. Tot op de onderbroek zeiknat. Het water staat me in de schoenen en de sokken zijn doorweekt. We gaan maar even binnen schuilen, nou ja binnen, het blijft een catamaran dus aan de zijkanten heerlijk open. In de schaduw en dus ook heel koud als je zeiknat bent. We gaan dus maar naar boven om op te warmen in de zon. Het is wel steeds harder gaan waaien en we klappen regelmatig flink op het water. Met als gevolg nog meer water en aardig wat zeezieke mensen. Als je alle ongemakken achterwege laat is het wel een hele mooie ervaring geweest. Je ziet dolfijnen in hun natuurlijke omgeving.
We komen weer aan in de haven en gaan maar een pizzaatje eten op het terras. Kan ik gelijk even een beetje opdrogen en beetje fatsoeneren. Funchal zelf is een niet al te grote stad maar wel met mooie gebouwen en een kathedraal midden in de stad. We lopen door de stad, door de smalle straatjes met winkels, restaurants en veel toeristen. Het idee is om met de kabelbaan naar Monte te gaan. Monte ligt letterlijk 500 meter hoger dan Funchal. Bijna verticaal omhoog. De kabelbaan heeft hier ook een gigantische wachtrij. Goh, hebben we eerder gezien. We besluiten dan maar de auto op te halen en kijken of we daar ook met de auto kunnen komen. Google Maps leidt ons over een hele steile weg (vrije vertaling van de straatnaam is weg der moeilijkheden) naar boven waar versnelling 1 zelfs lastig is. De auto die we hebben is sterk genoeg qua motor maar ook redelijk groot. Dus in de steile en smalle straten waar je kans hebt te blijven steken is het een goede uitdaging om boven te komen. Parkeerplaats boven is ook volledig vol dus we gaan door met de steile straten en komen op een stuk waar we moeten kiezen voor verder naar boven of toch maar weer de andere kant naar beneden. We kiezen voor beneden en komen gelukkig een plekje tegen waar we kunnen parkeren op de straat. Gratis. Half op de heuvel. We lopen naar Monte Royal Palace Gardens. Je komt hier ook langs het bergstation van de kabelbaan en de rij is ook aardig lang. Niet ons probleem meer. We betalen netjes entree en dan kan je dus verwonderen aan een paleis, museum en omliggende tuinen met een aardig hoogteverschil. Je begint boven en je loopt gestaag naar beneden over meerdere lagen. Fonteinen, planten, bomen en hele mooie bloemen kom je onderweg tegen. Ook een volledige oriëntaalse tuin. Flamingo’s in een vijver. Heel veel koi karpers, verkopers die een volledige ananas verkopen om uit te drinken met een rietje en heel veel influencers. Alles voor het perfecte plaatje. Ook al moet de rest van de wereld wachten om wat te bekijken. We gaan langzamerhand weer naar boven en het park is al redelijk uitgestorven. We besluiten weer terug te gaan naar Funchal om daar te eten. En we worden nu vice versa geleid over de steile straat naar beneden. Weet niet wat erger is. Of naar boven heel steil of dan naar beneden heel steil en alles op je af zien komen. We eten vlakbij de boulevard, zitten op een panorama terras en kijken over de rustige oceaan naar een nieuw cruiseschip wat aan komt dobberen.
Op woensdag maar eens de oostkust van het eiland ontdekken. We rijden langs Funchal, langs de luchthaven, nou ja er onder door en komen dan snel in de buurt van de oostelijke punt. We rijden richting de parkeerplaats van Ponte de Sao Lourenco. Hier stopt de weg letterlijk. Wij worden al eerder gestopt door de politie. Parkeerplaats is vol en we moeten de auto maar neerzetten aan de kant van de weg. Beneden, op 1,5 kilometer van de bestemming. Tas mee en dan met de benenwagen naar boven. Het waait al aardig (op de boot dinsdag werd er al gezegd dat er een storm zou komen) en boven waai je bijna uit de broek. We staan aan de kant kijkend naar het zuiden en kijken naar de luchthaven. Met deze wind snap je ook waarom vliegtuigen soms wat moeite hebben met landen hier. We nemen de verplichte foto’s en lopen langzamerhand weer naar beneden. We zien een soort dorpje, en willen daar wel even kijken. Vuurtorentje, strandje, haventje. Erg idyllisch allemaal. Klopt dus ook. Het is een groot resort. Een groot landal park maar voor de rijkeren onder ons. Dan maar door naar het volgende punt. Praktisch op dezelfde hoogte maar we kijken hier op de noordkant uit. Met een windkracht van 8 of 9 even naar beneden kijken. Als we niet oppassen gaan we zelf het randje over. De wind trekt al lekker aan. We besluiten te schuilen in de auto en rijden naar het dorpje Santana. Hier staan wat modelhuizen van de “vroegere” leefwijze van de boeren. Tochtige hutjes met rieten daken. Je kan altijd dus een kaarsje branden voor licht en warmte, zolang je maar niet je eigen hut in de fik zet. We weten beiden niet zo goed wat we hier van moeten vinden. Dus een snelle lunch en door naar Sao Vicente. Een klein dorpje met een mooie kerk, smalle straatjes en een ruige kustlijn. De kerk is bekend om de vele blauwe tegeltjes die in de muren zitten. Leuk voor de keuken als je ze er stiekem uit kan halen. We lopen met de harde wind naar de kust. Hier zie je de noordwester op zijn volste kracht. De golven beuken op de kiezelstranden en de schuimkoppen vliegen over de weg. Het beeld is ruig maar wel heel mooi. Natuur op zijn best. We stoppen even voor een bakkie warm drinken. € 1,10 voor een kopje thee en € 1,30 voor een koffie. Zijn we nog in Europa? Klopt dit wel?
Opgewarmd terug naar de auto en een stukje door voor wat watervallen. Eentje zit gelijk net voor een tunnel. We zetten de auto neer en lopen over de weg waar het razende verkeer langskomt om toch maar een foto te kunnen nemen. En het volgende punt is Veu da Noiva. Een bekende waterval, rechtstreeks uit de bergen de oceaan in.
Het weer wordt er aan de noordkant niet veel beter op dus we pakken de auto en gaan recht over het eiland heen terug naar de zuidkant. Vele tunnels, rotondes en regenbuien later komen we met een halfuurtje weer aan de zuidkant. Onderweg mogen we genieten van een mooie, heldere regenboog die een hele tijd zichtbaar blijft.
Vandaag de laatste volle dag op Madeira. Het weer is nog niet helemaal je-van-het maar we gaan proberen om een stuk van de wandelroute PR6.1 te lopen. Naar de Risco watervallen. Je kan boven op de berg in Rabacal de auto kwijt en daar op een van de wandelroutes terecht komen. De watervallen liggen op ongeveer 3 kilometer vanaf het beginpunt. Bij het uitstappen waaien we al weg. Het stormt nog op de berg, 6 graden en het regent toch aardig door. Toch gaan we met goede moed beginnen aan de wandeltocht. Na een 1,5 kilometer komt het met bakken naar beneden en is er geen zicht op überhaupt iets. Volledige mist en slagregens. Dan maar weer naar boven, volledig natgeregend gaan we dan maar richting de noordkust. Op de berg is het zicht niet erg goed en we rijden bijna een familie koeien aan. Die lopen hier dus gewoon over de weg maar het volgende stukje groenvoer. We dalen weer over de smalle bergweggetjes en hebben wat haarspeldbochten maar we komen beneden aan in Porto Moniz. Een stuk droger, een stuk warmer en we zien zelfs een zonnetje. Porto Moniz is een echt kustdorpje. Afgeladen met busladingen Duitsers. Langs de promenade is er een stuk afgezet. Dit vanwege spettergevaar. Nou ja, de golven staan zo hoog dat je ook op de boulevard goed nat kan worden. Het geweld van het water tegen de rotsen is zo indrukwekkend. We stappen nog het aquarium in en kijken naar de lokale visjes. Veel variatie in het zeeleven. In Porto Moniz kan je gebruik maken van de natuurlijke zwembaden. Een afgezet stukje wat aansluit op de oceaan. Deze zijn dus ook dicht. Het oceaanwater kan er voor zorgen dat je als nietsvermoedende zwemmer gelijk mee de oceaan in gaat. Wel een uitdaging.
We pakken de auto en rijden langs de kust door richting Seixal. Een dorp waar je goed kan surfen en een van de weinige zandstranden die het eiland heeft. Het is wel zwart zand, vanwege de vulkanische ondergrond. We kijken naar een groep beginnelingen die het surfen gaan proberen en ook hier is er een stuk promenade waar je goed nat kan worden. Een foto moment waard. Seixal verder is niet heel groot en we gaan nog naar Sao Vicente voor een laatste bakje koffie en daarna rijden we weer over de snelste weg terug naar de zuidkant. Deze weg hebben we gisteren ook gereden en is ook de snelste manier om van noord naar zuid te komen. Onderweg kom je een tunnel tegen van 3.1 kilometer waarmee je een hoop bergweggetjes kan ontwijken.
Vanavond nog genieten van het lokale eten en dan is het morgen weer tijd om naar huis te vliegen.
Voor nu was dit wel een korte samenvatting van onze avonturen.
Gr. Johan en Wendy
-
11 April 2026 - 09:48
Klaas Van Keulen :
Dit lijkt meer op een werkvakantie dan op lekker ontspannen.
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley